Correctiefactor beperkt fiscale vrijstellingen vanaf 2027

De federale regering grijpt in op de fiscale vrijstellingen van doorstorting van bedrijfsvoorheffing. Vanaf 2027 wordt een algemene correctiefactor ingevoerd, waardoor het effectieve voordeel voor ondernemingen licht daalt. Deze bepaling werd opgenomen in de Programmawet van 30 mei 2026.
Voor veel (bouw)bedrijven is dit een belangrijke wijziging die een directe impact kan hebben op de loonkosten.
Waarom komt er een correctiefactor?
De vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing is al jaren een belangrijke steunmaatregel voor werkgevers. Ze maakt het mogelijk om een deel van de ingehouden bedrijfsvoorheffing niet door te storten aan de fiscus, bijvoorbeeld voor:
- werken in onroerende staat
- overuren met overwerktoeslag
- onderzoek en ontwikkeling
- ploegen- en nachtarbeid
- startende ondernemingen
- ...
Door stijgende lonen, automatische indexeringen en een breder gebruik van deze systemen is de kost voor de overheid echter sterk opgelopen. Daarom kiest de regering ervoor om het systeem te behouden, maar het voordeel te temperen via een correctiefactor.
Hoe werkt de correctiefactor?
De berekening van de vrijstelling zelf verandert niet. Werkgevers blijven dus rekenen volgens de bestaande regels en percentages.
Nieuw is wel dat het berekende vrijstellingsbedrag nadien wordt aangepast via een correctiefactor.
De (voorlopig) geplande percentages zijn:
- 2027: 97%
- 2028: 93,35%
- Vanaf 2029: 95,9%
Concreet betekent dit dat het uiteindelijke fiscale voordeel iets lager zal zijn. Bovendien zijn de percentages ook niet in steen gebeiteld. De percentages kunnen elk jaar via KB nog worden bijgestuurd.
Voorbeeld
Heeft jouw onderneming recht op een vrijstelling van 10.000 euro?
- In 2027 wordt dat: 9.700 euro
- In 2028: 9.335 euro
- Vanaf 2029: 9.590 euro
Het verschil lijkt beperkt, maar kan op jaarbasis toch merkbaar oplopen, zeker bij grote volumes of intensief gebruik van de maatregel.
Voor wie geldt deze maatregel?
De correctiefactor zal algemeen van toepassing zijn op alle vrijstellingen van doorstorting van bedrijfsvoorheffing en dus op alle werkgevers die hiervan gebruikmaken.
Praktische impact voor ondernemingen
Hoewel het systeem inhoudelijk behouden blijft, zijn er enkele duidelijke gevolgen:
1. Hogere effectieve loonkost
Omdat een kleiner deel van de bedrijfsvoorheffing kan worden ingehouden, stijgt de effectieve loonkost licht.
2. Invloed op cashflow
Bedrijven zullen meer moeten doorstorten aan de fiscus, wat impact heeft op de liquiditeit.
3. Extra administratieve aandacht
De toepassing van de correctiefactor gebeurt bij de aangifte, wat extra opvolging en nauwkeurigheid vereist.
Wat betekent dit voor jouw organisatie?
De invoering van de correctiefactor betekent geen fundamentele hervorming, maar wel een structurele vermindering van het fiscale voordeel.
Voor ondernemingen die intensief gebruikmaken van deze vrijstellingen is het aangewezen om:
- de impact op de loonkost in kaart te brengen
- budgetten en forecasts aan te passen
- tijdig advies in te winnen